Rachel is vrijwilliger bij Huurders Vereniging Almere. Ze zet zich altijd in voor andere huurders. In dit interview vertelt ze waarom hoge huurverhogingen onhoudbaar zijn, wat bestaanszekerheid écht betekent en waarom bestuurders armoede niet alleen moeten begrijpen, maar ook moeten voelen. “Laat ze maar een maandje met me ruilen.”
“Ik woon al veertig jaar in dezelfde huurwoning in Almere Stad. Vroeger met mijn gezin, nu alleen. Een fijne woning qua ruimte, maar wel met achterstallig onderhoud. Veel vocht, kou, deuren die niet meer sluiten. Ik zou graag kleiner wonen, maar dat kan niet. Verhuizen is te duur. Alleen al een vloer kost 1000 euro. En dan de muren, gordijnen… Ik zit in de bijstand. Waar moet ik dat van betalen?”
Corporaties zouden aan onze kant moeten staan, niet ertegenover
“Ik heb een bijstandsuitkering van 1063 euro. Mijn huur is 612 euro. Gelukkig krijg ik huurtoeslag, maar na alle vaste lasten en de kosten voor mijn medicijnen hou ik zo’n 150 euro per maand over. Daar moet ik álles van doen. Eten, kleding, onverwachte kosten. Daarom is de huurbevriezing zó belangrijk. Het kan voor ons minima net het verschil zijn tussen overleven en onderuitgaan. Het is voor mij geen meevaller, het is ademruimte.”
“Als die huur jaarlijks stijgt, al is het een paar euro, dan voel ik dat meteen. Het is niet alleen de huurverhoging: alles stijgt en het inkomen van minima stijgt niet zo hard mee. En nu zijn er woningcorporaties die naar de rechter stappen om van die huurbevriezing af te komen. Maar dan denk ik: wie vertegenwoordigen zij eigenlijk? Zij zouden aan onze kant moeten staan, niet ertegenover. Wij moeten samen vragen om meer geld aan de overheid: samen.”
Bestaanszekerheid is meer dan geld alleen
“Ik ben 65 en leef van een bijstandsuitkering. Vroeger had ik een eigen massagepraktijk aan huis. Maar door neuropathie en versleten rugwervels kan ik niet meer werken. Toch zit ik niet stil. Ik doe vrijwilligerswerk als bestuurslid van de Huurders Vereniging Almere (HVA). Ik ondersteun huurders die klachten hebben over hun woning of woongenot en bij het oprichten van bewonerscommissies, ik organiseer bijeenkomsten en doe de helpdesk. Daarnaast wandel ik veel met mijn hond. En let op: ik klaag niet. Ik ben een heel positief mens.”
“Maar als mijn inkomen nog minder wordt dan nu, dan besta ik wel, maar dan lééf ik niet meer. Een paar dagen weg zit er al jaren niet in. Elke dag doe ik mijn boodschappen bij de Lidl na 19:00 uur. Dan zijn er aanbiedingen van verse producten. En ik moet fruit en groenten eten: ik ben diabeet. Ook zo iets: ik kan mijn verjaardag niet vieren. Ik ben net 65 geworden: maar geen geld voor een feestje. Een keer een wijntje doen, een keer uitgaan, een keer trakteren. Dat soort dingen kunnen niet. Mensen in de bijstand zijn zó afhankelijk. En dat geeft geen zekerheid. Dat voelt gewoon als permanente onzekerheid.”


“Er moet iemand zijn die écht luistert”
“Ik hoor vaak van de huurders die ik ondersteun: ‘Waarom hoor ik niks terug van Ymere?’ Dan zijn ze boos, teleurgesteld, verdrietig. Ze willen gehoord worden. Niet alleen een standaardbrief. Ook bestuurders zeggen vaak ‘we horen je’, maar ze luisteren niet. Ik ben er wel voor hen. Ik help totdat iemand luistert.”
“HVA is onderdeel van de Samenwerkende Huurdersorganisaties Ymere (SHY). Die heeft een advies aan Ymere gegeven voor een redelijke huurverhoging, maar de corporatie luisterde niet. Daarom zijn we in actie gekomen. Daarom zeg ik ook tegen de directeur van Ymere, Erik Gerritsen: kom maar eens een maand in mijn schoenen staan. We hebben bestuurders nodig die armoede niet alleen snappen met hun hoofd, maar ook met hun hart. Je moet armoede vóelen, niet alleen weten dat het bestaat.”
“In de documentaire over de Van de Pek-buurt ‘De verkrotte droom’ zag je dat ook. Mensen spraken daar vanuit hun tenen, maar bij Ymere leek het niet binnen te komen. Het voelde nep: voor de camera zeggen dat je het begrijpt, maar ondertussen gebeurt er zo weinig. Ik voel me als huurder niet gehoord! Niet door de politiek en niet door de corporatie.”
“Er zijn zóveel mensen zoals ik”
“Bestaanszekerheid gaat ook over waardigheid. Over je kleinkind iets kunnen geven. Dat lukt mij niet van een bijstandsuitkering. Ik verkoop daarom af en toe spullen op rommelmarkten. Dat geld gaat in een potje voor mijn kleinkind. Voor een cadeautje, of als er iets onverwachts komt. Het is weinig, misschien een tientje per maand. Maar daarmee red ik het net.”
“Er zijn enorm veel mensen die in mijn situatie zitten. Maar je hoort daar weinig van. Weinig mensen durven over hun financiële situatie te praten. Schaamte speelt mee. En dat maakt het alleen maar zwaarder. Het is een vicieuze cirkel waar je moeilijk uitkomt.”
Minima hoeven toch niet te betalen voor de bouw van nieuwe woningen?
“Ik wil beter woonbeleid. Wij kunnen niet meer hoge huurverhogingen aan. Het gaat niet! De minima hoeven toch niet te betalen voor de bouw van nieuwe woningen en de verduurzaming? Kom ook met een beter beleid voor mensen met een uitkering… laat mij mijn zolder verhuren. Gewoon een student op zolder die een paar honderd euro betaalt. Zonder dat ik meteen gekort word. Dan kan ik mijn boodschappen betalen. En mijn medicijnen.”
“En weet je? Ik heb een grote tuin. Van mij mogen ze daar de helft van hebben, zet er een huis op en verhuur het. Daar hoef ik niet eens geld voor te hebben. Ik geef met liefde mijn tuin op in deze woningnood. Dat is samenleven.”
Kom op 10 oktober
Lees meer
